Het nieuwe regeerakkoord doorgelicht

by Audrey Van den Bempt

Op 26 juli presenteerde premier Michel het nieuwe begrotingsakkoord dat de regering heeft opgesteld. Uiteraard bevat die ook weer heel wat nieuwe maatregelen en bepalingen die gevolgen zullen hebben voor de werkgevers en hun personeel. Een (niet-exhaustief) overzicht van de drie grote blokken: werk, belastingen en pensioenen.

 

Werk

  • De regering wil de competitiviteit van ons land verbeteren en meer mensen aan het werk zetten. Daarom zal vanaf januari volgend jaar het systeem van de ‘flexi-jobs’, zoals dat al in de horeca bestaat, naar de detailhandel uitgebreid worden. Ook gepensioneerden zullen er gebruik van kunnen maken.
  • Specifiek voor de e-commerce komen er soepelere regelingen rond nacht- en zondagswerk. Voor de bouwsector is dan weer een sterke vermindering van de arbeidskosten voorzien om de sociale dumping tegen te gaan. Ook de afwijkingen in de opzegtermijnen in de bouw worden aangepakt.
  • Jongeren vanaf zestien jaar zullen ook op zondag als jobstudent mogen werken.
  • Werklozen zullen ook sneller een ‘gepaste job’ moeten aanvaarden. De VDAB zal daarvoor niet alleen met het vorige beroep rekening houden, maar ook met ‘competenties’. Wie weigert zal ook sneller gesanctioneerd kunnen worden.
  • De regering voert kortere opzegtermijnen in geval van ontslag in tijdens de eerste maanden van de tewerkstelling. Hiermee wordt gedeeltelijk de weggevallen proefperiode gecompenseerd.Het zal tegelijkertijd ook goedkoper worden om jonge werknemers (18-21) aan te werven, door een vermindering van de arbeidskost.
  • Interimwerk wordt in alle privésectoren toegestaan en ook bij de overheid. Bij de overheid zal ook contractuele tewerkstelling de norm worden, ten nadele van statutairen.
  • De regering voorziet ook maatregelen om het welzijn op het werk te bevorderen, onder meer door de aanstelling van een burn out-coach in grote bedrijven.
  • Er worden ‘mystery calls’ mogelijk om, via anonieme praktijktests, werkgevers te controleren op discriminatie.

 

Belastingen

  • De sociale bijdragen voor werknemers dalen naar 25% in 2018. Door de taxshift zullen ze maandelijks netto meer overhouden.
  • Werkgevers mogen hun personeel een fiscaal gunstige winstbijdrage Is die niet voor iedereen gelijk, dan is een cao of toetredingsakte nodig. De premie mag maximaal 30% van de loonmassa bedragen.
  • De vennootschapsbelasting daalt voor kmo’s naar 20% op de eerste 100.000 euro. Voor grote bedrijven zakt hij naar 29% en verder naar 25% in 2020.
  • Er komt een minimumbelasting van 7,5% voor winsten tot één miljoen. Bedrijven die investeren kunnen er van vrijgesteld worden.
  • Beginnende zelfstandigen kunnen een verlaging van de drempel tegemoet zien voor de berekening van hun minimale sociale bijdrage. Zeker in de eerste twee jaar daalt die sterk.
  • Voor zelfstandigen wordt de carensmaand gehalveerd naar twee weken.

 

Pensioenen

  • Er komt een verhoging van 0,7 procent van het minimumpensioen voor wie een volledige loopbaan heeft gewerkt. Een werknemer zal in de toekomst ook een deel van zijn pensioen kunnen opnemen en tegelijk blijven werken en pensioenrechten opbouwen.
  • Voor zelfstandigen zonder vennootschap komt er ook een volwaardige tweede pensioenpijler, vergelijkbaar met dat voor zelfstandig mét vennootschap. Voor loontrekkenden wordt aan een vrij aanvullend pensioen gewerkt. De werkgever houdt daarvoor, op vraag van de werknemer, bijdragen in op het loon.
  • Pensioensparen zal voortaan op twee manieren kunnen: zoals het huidige systeem, waarbij maximaal 940 euro gespaard wordt en dat voorziet in 30% belastingvoordeel. Of een regeling waarbij 1.200 euro gespaard wordt en 25% belastingvoordeel geldt.
  • Er komt een pensioenkrediet van 48 maanden voor deeltijdse werknemers die aan mantelzorg
  • Wie na zijn vijftigste langer dan een jaar werkloos is, zal een lager pensioen krijgen. Het pensioen zal vanaf dan berekend worden op het zogenaamde “minimumrecht” en niet meer op het laatst verdiende loon.

De nieuwe maatregelen zijn goed voor ruim 1,1 miljard euro aan opbrengsten: 502 miljoen euro bij de sociale uitgaven, waarvan onder meer 207 miljoen euro bij tewerkstelling, 65 miljoen bij het luik pensioenen en 225 miljoen bij sociale zaken. Daarnaast verwacht de regering 529 miljoen euro aan fiscale inkomsten, onder meer door belastingen op effectenrekeningen, accijnzen, de strijd tegen fiscale fraude en de Kaaimantaks.

 

Zin in meer?

De sociale wetgeving verandert voortdurend. Wil je elk kwartaal een compact overzicht van de sociale actualiteit en de veranderingen van de wetgeving? Dan is de opleiding ‘Update sociale actualiteit’ een goed idee.

Lees ook