Hoe evolueert de rechtspraak omtrent medische aansprakelijkheid?

by Bieke Cauwenberghs

Om de toegang tot schadevergoeding na een medisch ongeval laagdrempeliger te maken, werd in 2010 het Fonds voor Medische Ongevallen opgericht. Wannes Buelens, die een proefschrift schreef over het medisch ongeval zonder aansprakelijkheid (MOZA), evalueert hoe de rechtspraak en rechtsleer sindsdien geëvolueerd zijn in kwesties als ziekenhuisinfecties, informed consent en wrongful pregnancy, birth en life.

 

Laagdrempelig?

“De toegang tot het Fonds voor Medische Ongevallen is in principe laagdrempeliger dan de toegang tot de rechtbank. Het advies van het Fonds is inderdaad gratis, maar de procedure gaat nauwelijks sneller”, zegt Wannes Buelens. “Want medische expertises nemen ook via het Fonds enkele jaren in beslag.”

 

Vermijdbare en onvoorzienbare fout

Het Fonds vergoedt onder meer ernstige schade wanneer de verzekeraar van een aansprakelijke zorgverlener weigert tussen te komen. Het meest vernieuwend was echter destijds dat het Fonds ook slachtoffers schadeloosstelt bij medische ongevallen zonder aansprakelijkheid. Dat gebeurt wanneer er sprake is van ‘abnormale schade’, “een breed en vaag begrip dat voor interpretatie vatbaar is”, aldus Wannes Buelens.

In de praktijk gaat het eerder om onvoorzienbare schade dan om vermijdbare schade. “Zo oordeelde men dat een patiënt vergoed moest worden voor schade aan de dunne darm die hij tijdens een dikkedarmoperatie had opgelopen in een algemeen ziekenhuis. De schade had volgens de rechter immers vermeden kunnen worden indien de patiënt in een universitair ziekenhuis geopereerd geweest was. Daar staat immers altijd een tweede team zorgverleners stand-by dat de dunne darm wellicht had kunnen redden.”

Bij onvoorziene schade gaat het heel vaak over het optreden van complicaties of over een onverwachte evolutie van complicaties. “Er wordt steeds getoetst of die complicaties redelijkerwijs al dan niet te verwachten waren op basis van de behandeling enerzijds en de gezondheidstoestand van de patiënt anderzijds.

 

In heikele kwesties omtrent medische aansprakelijkheid zien we heel vaak de invloed van Franse wetten, rechtspraak en rechtsleer doorsijpelen

Wannes Buelens

 

Rechtspraak omtrent wrongful pregnancy, life en birth

Regelmatig rijst discussie over het al dan niet schadeloosstellen bij wrongful pregnancy, life en birth. “In feite staat alleen de schadevergoeding bij wrongful birth niet onder druk. Als ouders kunnen bewijzen dat zij schade lijden doordat de zorgverstrekker foutief de handicap van hun ongeboren kind niet had opgemerkt, kunnen zij daarvoor vergoed worden. Bij wrongful pregnancy – schadevordering door de ouders bij de geboorte van een gezond maar ongewenst kind – en wrongful life – schadevordering door een gehandicapt kind zelf – is men veel minder geneigd om schade te vergoeden. In het eerste geval meent het Hof van Cassatie dat er ook voordelen zijn aan de geboorte van een kind en dat die voordelen de geleden schade opheffen, waardoor de geboorte van een ongewenst maar gezond kind op zich geen schade veroorzaakt voor de ouders. In een zaak over wrongful life meende het Hof dat een gehandicapt leven meer waard is dan geen leven, waardoor er dan ook geen sprake kan zijn van schade. In deze en andere heikele kwesties omtrent medische aansprakelijkheid zien we heel vaak de invloed van Franse wetten, rechtspraak en rechtsleer doorsijpelen. In Frankrijk is schadevergoeding op basis van wrongful life bijvoorbeeld bij wet verboden.”

 

Zijn zorgverstrekkers nog aansprakelijk voor ziekenhuisinfecties?

Zelfs in optimale hygiënische omstandigheden blijken 70% à 80% van de exogene ziekenhuisinfecties niet te vermijden. Kunnen zorgverstrekkers en ziekenhuizen er dan nog wel aansprakelijk voor gesteld worden? “Een rechter in Luik oordeelde dat het om een resultaatsverbintenis gaat: zij moeten ervoor zorgen dat patiënten geen ziekenhuisinfecties oplopen. Wordt er wel zo’n infectie vastgesteld, dan zijn zorgverstrekkers sowieso aansprakelijk. Ondertussen wordt deze strenge interpretatie doorgaans afgezwakt tot een inspanningsverbintenis en geldt de resultaatsverbintenis vaak enkel nog voor het gebruik van niet-besmet materiaal.”

 

Bewijslast bij informed consent

Patiënten hebben het recht om geïnformeerd te worden over hun behandeling. Zo kunnen zij op basis van kostprijs, risico’s, nazorg en alternatieven al dan niet instemmen met de behandeling. “In het kader van de medische aansprakelijkheid was het meerderheidsstandpunt lange tijd dat de patiënt moet bewijzen dat hij niet de nodige informatie gekregen had. Het Hof van Cassatie oordeelde evenwel al dat het bijzonder moeilijk is om te bewijzen dat iets niét is gebeurd en stelde zich dan ook minder streng op inzake de bewijslast. In een zaak tegen een advocaat legde het Hof die bewijslast omtrent de informatieplicht zelfs uitdrukkelijk bij die advocaat. Deze uitspraak vindt ook weerklank als het gaat over informed consent van patiënten en dat zorgt voor verdeelde reacties en beoordelingen in de rechtsleer en rechtspraak.”

 

Slachtoffer zo min mogelijk in de kou

Wannes Buelens spreekt niet graag over grote evoluties in de medische aansprakelijkheid. “Sociologisch onderzoek heeft bijv. aangetoond dat bij zeer ernstige schades rechters doorgaans minder streng zijn voor de bewijsvoering. Als er zich dan toch een tendens aftekent binnen de medische aansprakelijkheid, dan is het misschien dat men slachtoffers in dit soort situaties liefst niet in de kou laat staan, en de aansprakelijkheid van de zorgverlener vaststelt. Het kan zijn dat men in de toekomst in deze gevallen eerder het Fonds zal laten tussenkomen wegens een medisch ongeval zonder aansprakelijkheid, in plaats van de aansprakelijkheid van de zorgverstrekker vast te stellen.”

 

Zin in meer?

Wil je de recente stand van zaken kennen omtrent de medische aansprakelijkheid, geïllustreerd met heel veel voorbeelden? Schrijf je dan nu in voor het seminarie ‘Actualia Medisch Recht’.

 

Biografie

Wannes Buelens studeerde in 2014 met grote onderscheiding af aan de rechtenfaculteit van Universiteit Antwerpen. Vier jaar later doctoreerde hij met een proefschrift over het medisch ongeval zonder aansprakelijkheid. Hij schrijft regelmatig over dit onderwerp en is spreker op binnen- en buitenlandse congressen. Momenteel is Buelens advocaat bij Loyens & Loeff en is hij als academisch medewerker zakenrecht en bijzondere overeenkomsten verbonden aan de Universiteit Antwerpen.

Lees ook