Cassatie verfijnt rechtspraak verhoor getuige à charge

In twee arresten van 8 september 2020 heeft het Hof van Cassatie de rechtspraak over het al dan niet verplicht horen van een getuige à charge verfijnd.

In een eerste arrest (P.20.0388.N), herinnert het Hof er vooreerst aan dat het ontbreken van een goede reden voor het niet-horen van een getuige die een voor de beklaagde belastende verklaring heeft afgelegd als dusdanig niet volstaat om te besluiten tot een schending van artikel 6 EVRM, maar dat dit wel een belangrijk gegeven is bij die besluitvorming (randnr. 2 van het arrest).

In het tweede arrest (P.20.0486.N) was in het geheel geen rekening gehouden met de belastende verklaringen afgelegd door de getuigen die de verdediging gehoord wenste te zien worden. Door de appelrechters was namelijk beslist dat de afgelegde verklaringen geen rol speelden bij de beoordeling van eisers schuld en dat dit gegeven volstond voor het oordeel dat het horen van die getuigen ter rechtszitting niet vereist is voor het eerlijke verloop van het proces in zijn geheel. Die beslissing werd wettig bevonden door het Hof van Cassatie (randnr. 14 van het arrest), aangezien de appelrechters ook op wettige wijze ernstige redenen hadden opgesomd die het horen van deze getuigen in de weg stonden (randnr. 15).

Volledige bespreking en bron: Criminis – Joachim Meese

Gerelateerde opleidingen

Nieuws per domein

Meest gelezen

Let's connect