De kmo-portefeuille stopt. Onze inzet op levenslang leren niet.

Business & people management HR, learning & development

Opiniebijdrage van Marleen De Greef, Director NCOI Learning

Vorige week besliste de Vlaamse Regering om de kmo-portefeuille af te schaffen. Daarmee verdwijnt een instrument dat jarenlang duizenden kmo’s en zelfstandigen ondersteunde bij investeringen in opleiding en ontwikkeling.

Ik heb die aankondiging met gemengde gevoelens gelezen. Niet omdat een subsidie het vertrekpunt zou zijn van alles wat we doen. En al zeker niet omdat de budgettaire realiteit mij onbekend is. Maar omdat deze beslissing voor veel kleinere ondernemingen en zelfstandigen een extra drempel opwerpt naar opleiding en ontwikkeling, net op een moment waarop de nood aan nieuwe kennis en vaardigheden sneller groeit dan ooit.

Dit debat gaat over meer dan de kmo-portefeuille. Het gaat over de plaats die ontwikkeling inneemt in onze economie. Op een moment waarop organisaties zich moeten aanpassen aan artificiële intelligentie, digitalisering en voortdurende verandering, en sommige sectoren zichzelf fundamenteel moeten heruitvinden, is investeren in mensen geen bijkomstigheid. Het is een voorwaarde om competitief te blijven.

De bedrijven die morgen succesvol willen zijn, investeren niet alleen in technologie, maar vooral in mensen die die technologie kunnen inzetten, beoordelen en vertalen naar concrete meerwaarde. De kmo-portefeuille was daarbij voor veel kleine ondernemingen niet de reden om te investeren in ontwikkeling, maar wel een stimulans om die investering effectief te doen. En precies daarom gaat dit debat over meer dan één maatregel. Het gaat over de vraag hoe we ondernemingen blijven aanmoedigen om te investeren in kennis, vaardigheden en toekomstgerichte groei, in een regio waar levenslang leren nog altijd geen vanzelfsprekendheid is.

Een hefboom voor ontwikkeling.

De kmo-portefeuille was nooit bedoeld als doel op zich. Ze was een hefboom. Niet om ondernemingen afhankelijk te maken van steun, maar om investeringen in ontwikkeling gemakkelijker te maken. Voor veel kleinere bedrijven en zelfstandigen maakte net dat extra zetje het verschil tussen een opleiding uitstellen of ze toch volgen.

Misschien is dat precies waarom de beslissing zoveel reacties losmaakt. Niet omdat een subsidie verdwijnt, maar omdat ze raakt aan een bredere vraag over de plaats van ontwikkeling in onze economie.

De vraag naar vaardigheden kent geen budgetstop.

Maar er zit nog een diepere zorg achter mijn reactie op deze beslissing. In onzekere tijden kan het wegvallen van steun voor opleidingen gelezen worden als een signaal dat investeren in mensen minder urgent is geworden. Het tegendeel is waar.

De vaardigheden waarop organisaties vandaag draaien, evolueren de komende jaren grondig. AI en technologische ontwikkelingen hervormen niet enkel functies aan de randen: ze veranderen taakpakketten, rollen en carrièrepaden tot in de kern.

De organisaties die de grootste waarde uit AI halen, investeren bovendien niet alleen in technologie.  Ze investeren vooral in mensen die die technologie kunnen combineren met kritisch denken, expertise, samenwerking en verantwoordelijkheidszin. Technologie creëert mogelijkheden, maar het zijn mensen die er productiviteit, innovatie en klantwaarde van maken.

Daarom geloof ik dat de vraag naar ontwikkeling vandaag niet kleiner wordt, maar groter. Wie competitief wil blijven, moet niet alleen investeren in systemen, maar ook in de vaardigheden die nodig zijn om die systemen effectief te benutten.

“De vraag is dan ook niet óf we moeten investeren in ontwikkeling, maar hoe we ervoor zorgen dat die investeringen blijven gebeuren.”

Marleen De Greef, Algemeen Directeur NCOI Learning

Vanuit mijn rol spreek ik dagelijks met organisaties uit uiteenlopende sectoren. Wat mij daarbij opvalt, is dat de meest toekomstgerichte bedrijven ontwikkeling niet beschouwen als een opleidingsbudget, maar als een strategische investering. Zij vertrekken niet vanuit de vraag welke opleiding ze kunnen volgen. Ze vertrekken vanuit de vraag welke competenties nodig zijn om hun strategie waar te maken.

Misschien is dat wel de belangrijkste les van dit debat. Te vaak wordt ontwikkeling nog bekeken als iets dat volgt nadat alle andere keuzes gemaakt zijn. Eerst komt de strategie, daarna de investeringen, en vervolgens wordt bekeken hoeveel ruimte er nog overblijft voor ontwikkeling.

De meest succesvolle organisaties werken anders. Zij beschouwen ontwikkeling als een voorwaarde om hun strategie waar te maken. Nieuwe technologie, AI, digitalisering of een gewijzigde marktcontext vragen immers altijd om nieuwe kennis, vaardigheden en leiderschap.

“Daarom hoort ontwikkeling voor mij aan de strategische tafel. Niet als kostenpost, maar als hefboom voor productiviteit, innovatie, inzetbaarheid en duurzame groei.”

Marleen De Greef, Algemeen Directeur NCOI Learning

Onze missie stopt niet. Ze wordt alleen maar urgenter.

Levenslang ontwikkelen is voor mij geen slogan, maar een noodzaak. Om relevant te blijven in je vak, om mee te evolueren met verandering en om als organisatie toekomstbestendig te blijven. Organisaties die investeren in mensen zijn beter gewapend om nieuwe kansen te grijpen, veranderingen op te vangen en zich blijvend aan te passen aan een wereld die steeds sneller evolueert.

Dat is ook de opdracht die wij bij NCOI Learning elke dag opnemen: professionals en organisaties ondersteunen in het ontwikkelen van de kennis, vaardigheden en het leiderschap die nodig zijn om succesvol te blijven in een snel veranderende wereld.

Samen bouwen we verder.

De kmo-portefeuille verdwijnt. De noodzaak om te investeren in mensen niet. Integendeel. Organisaties die vandaag blijven investeren in ontwikkeling, bouwen morgen aan groei, innovatie, inzetbaarheid en competitiviteit.

De spelregels veranderen, maar de nood aan ontwikkeling niet. En precies daarom blijft die opdracht voor mij persoonlijk, en voor NCOI Learning als organisatie, belangrijker dan ooit.

Marleen De Greef
Algemeen Directeur NCOI Learning